Het doel van de staat is de vrijheid – maar voor wie?

Door Erik Verweij, VVD-lid

Onze VVD werkt ondertussen al langer dan tien jaar non-stop als regeringspartij. Werken vanuit de rol van regeringspartij heeft bepaalde voor de hand liggende voordelen. In die rol is het eenvoudiger om beleidsdoelen te halen. Het is vanuit die rol gelukt om te zorgen voor hogere straffen bij geweld tegen hulpverleners of bij doodslag, een streng maar rechtvaardig asielbeleid en een toekomstbestendig klimaatbeleid. De rol van regeringspartij heeft echter óók een belangrijk nadeel. Het gevaar bestaat dat een partij die al lang regeert steeds méér gaat denken als regeringspartij, en steeds minder als een volkspartij. Deze denkwijze zou dan het eerste zichtbaar worden in onze houding tegenover de rechtsstaat. De rechtsstaat is er immers voor bedoeld om het volk te beschermen tegen de overheid.

De rechtsstaat is een vaag begrip, maar in de praktijk is het een staatsvorm met allerlei waarborgen waarmee de vrijheid van de overheid door het recht wordt beperkt. Een onafhankelijke en toegankelijke rechtspraak, een wetgever die aan hoger recht gebonden is en een effectieve bescherming van grondrechten zijn absolute randvoorwaarden in een rechtsstaat. Deze waarborgen kunnen een overheid soms in de weg zitten, juist omdat ze ervoor gemaakt zijn om de burger te beschermen tegen een overheid die de vrijheidsrechten van de burger niet respecteert. Ik zou géén belangrijker liberaal principe kunnen bedenken als ik het zou proberen.

Op basis van sommige recente voorstellen kan de indruk ontstaan dat wij ons als VVD vaker beperkt voelen door sommige rechtsstatelijke waarborgen, dan dat wij ons daardoor beschermd voelen. Het gaat dan niet zozeer om één specifiek beleidsvoorstel dat de rechtsstaat geweld zou aandoen, maar het gaat om de manier van denken die ten grondslag lijkt te liggen aan steeds meer voorstellen of proefballonnen. We lijken een manier van denken te hebben ontwikkeld die steeds meer uitgaat van een overheid die vrij moet kunnen regeren, en steeds minder van de burger die in vrijheid moet kunnen leven. We lijken een manier van denken te hebben ontwikkeld waarbij wij in het geval van spanning tussen een beleidsdoel en een rechtsstatelijk beginsel, éérder het rechtsstatelijke beginsel willen aanpassen dan het beleidsdoel. De indruk dat wij op deze manier zijn gaan denken, zou afbreuk doen aan onze reputatie van partij van law & order, zou haaks staan op onze verwachtingen van een liberale democratie en zou slecht passen bij een partij met de naam Volkspartij voor Vrijheid en Democratie. Deze indruk moeten wij dus absoluut voorkomen.

De rechtsstatelijke waarborgen die ik noemde, zijn er als bescherming van de burger tegen de overheid. Als partij die al zo lang een belangrijke rol heeft binnen de overheid, is het niet vreemd dat we af en toe in aanraking komen met de grenzen die de rechtsstaat stelt aan de overheid. Het is ook niet vreemd dat er soms wordt getwijfeld aan het nut van specifieke waarborgen, omdat wij er zelf van overtuigd zijn dat wij als regeringspartij verantwoordelijk met de vrijheidsrechten van burgers zullen omgaan. Toch moeten wij ons ervan bewust zijn dat de rechtsstatelijke waarborgen er óók zijn voor anderen, die het met onze beleidsdoelen oneens zijn. Wíj zijn er ook voor de mensen die het met ons oneens zijn.

De rechtsstaat valt wat dat betreft te vergelijken met een vangrails. Zij moet goed worden onderhouden, ook omdat er een moment komt dat een andere partij het stuur van ons overneemt en we de vangrails dan hard nodig zullen hebben. Het is daarom belangrijk dat wij enthousiaster over de rechtsstaat gaan denken, gaan vertellen en daar ook naar gaan handelen – óók als dit enthousiasme voor de rechtsstaat het uitdagender maakt om sommige beleidsdoelen te halen.

Mijn zorgen over de indruk die wij wekken, zijn toegenomen nadat het concept van ons verkiezingsprogramma verscheen. In het Advocatenblad schreef een beroepsgenoot van mij dat wie een advocateneed heeft afgelegd, met dit verkiezingsprogramma niet meer in goede gemoede VVD kan stemmen. Zulke kritiek doet pijn, juíst omdat ik weet dat deze kritiek in de kern onterecht is. Het is wat mij betreft belangrijk dat we ontdekken hoe we de Nieuwe Vrije Eeuw realiseren voor elke individuele burger om zijn leven in vrijheid te vieren, en niet zozeer voor de staat om in overheid beleid te bepalen. Want zoals geschreven staat op het monument van Baruch Spinoza, vlak bij zijn geboorteplaats in Amsterdam: “Het doel van de staat is de vrijheid”. Het is aan ons om te zorgen dat de staat dit doel in het zicht houdt, en daarbij niet in de buurt komt van de vangrails.

Zoeken naar de ideeën, mentale modellen en innovaties die nodig zijn om de uitdagers van de vrijheid in de 21e eeuw te verslaan.

Zoeken naar de ideeën, mentale modellen en innovaties die nodig zijn om de uitdagers van de vrijheid in de 21e eeuw te verslaan.